Posts tonen met het label Gebiedenlexikon. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Gebiedenlexikon. Alle posts tonen

8.2.11

Het wijngebied Somló

Somló ligt in het westen van Hongarije, boven het Balatonmeer. Officieel bestaat het uit Sághegy, Kissomlyó en Nagy-Somló. Als we over het wijngebied Somló spreken, hebben we het alleen over Nagy-Somló. 
Het wijngebied is piepklein, ca. 830 groot. Het bestaat uit een basaltheuvel die boven een uitgedoofde vulkaan als een grote bult uit het landschap oprijst.
Het klimaat is hier landelijk, de zomers zijn er wat koeler dan elders in het land. Het waait er vaak. 
De wijnen die uit Somló komen zijn zeer mineralig, rijk aan zuren en extracten. Ze hebben een zoutachtige toets en hun alcoholgehalte is vrij hoog.

Als er één wijn is waarin je de bodem van het gebied terugproeft, is dat de wijn uit Somló. Door het basalt hebben de wijnen een bijzonder aroma- en smaakpalet. In hun jeugd proef je vooral vuursteen, na een aantal jaren komen er animale geuren vrij.
Over het algemeen zijn ze pas na twee jaar op dronk. Ze moeten warmer gedronken worden dan andere witte wijnen en vooral belucht worden.
Een wijn uit Somló ontwikkelt zich langzaam en rijpt ook langzaam. Zonder houtopvoeding is het bijna onmogelijk om hier een goede wijn te maken.

De bodem
De bodem in Somló bestaat uit basalt en tufsteen, en is rijk aan mineralen en spoorelementen. Aan de voet van de heuvel vind je een mengsel van klei, zand en löss, met een flinke hoeveelheid mineralen en spoorelementen die van de heuvel naar beneden gespoeld zijn.

Druiven
In Somló vinden we uitsluitend witte druiven. Veruit de belangrijkste druif is de olaszrizling. Daarna volgen de chardonnay, respectievelijk hárslevelű (Lindenblättriger) en furmint. Verder komen er nog druiven voor als de Hongaarse juhfark en ezerjó, de rizlingszilváni (müller-thurgau) e.a.

Juhfark
Het verhaal is uittentreure verteld, maar toch nog iets over de juhfark-druif. Deze druif is bijna uitsluitend in Somló te vinden. Juhfark betekent in het Nederlands "schapenstaart". De wijn wordt zo genoemd, omdat de langwerpige vorm van de druiventros aan een schapenstaart zou doen denken. Juhfark-wijnen kunnen vaak ruw en keihard zijn door de stroeve zuren. De wijn heet ook wel "de wijn van de huwelijksnachten" te zijn. Het verhaal gaat dat de Habsburgers tijdens hun huwelijksnacht juhfark dronken, zodat er mannelijke troonopvolgers geboren zouden worden. Keizerin Maria Theresia schijnt er pap van gelust te hebben.

Wijnmakers
De belangrijkste wijnmakers in Somló zijn Györgykovács, Fekete Béla, Hollóvár, Inhauser, Kreinbacher en Tornai.

7.2.11

Het wijngebied Tokaj-Hegyalja

Het wijngebied Tokaj-Hegyalja, zoals de volledige naam van Tokaj luidt, ligt in het noordoosten van Hongarije. De naamgever van het wijngebied is Tokaj, een plaatsje waar qua wijnbouw weinig gebeurt. Hegyalja betekent zoveel als 'aan de voet van de heuvel'.
Het wijndistrict is vooral bekend vanwege zijn dessertwijn Tokaji Aszú, maar Tokaj heeft veel meer te bieden op wijngebied.
Het klimaat is hier relatief koel. De zomers zijn lang, warm en droog, de herfsten zijn eveneens lang.
In het noorden wordt het gebied begrensd door een bergketen, de Zemplén, waardoor er relatief weinig wind is.

Microklimaat
Aan de voet van de heuvels in Tokaj-Hegyalja stromen twee rivieren: de Bodrog en de Tisza. Aan hen is het te danken dat Tokaj een ideaal microklimaat heeft, dat de productie van prachtige dessertwijnen mogelijk maakt. In de herfst ontstaan er boven de rivieren nevels, die in de de loop van de dag door de zon verdreven worden. De botrytis cinerea ontwikkelt zich prima in dit klimaat. Deze schimmel is een ramp als een wijnboer droge wijn wil maken, een zegen als er aszú gemaakt moet worden. De dikke schimmellaag droogt de druif uit, met als gevolg dat de hoeveelheid suiker en extracten toeneemt in het sap van de druif. 

Bodem
De bodem in Tokaj-Hegyalja bestaat uit vulkanisch gesteente, basalt, dichte klei en vaak moeilijk te bewerken stenige grond. Hier en daar is deze grond met een laag löss bedekt.

De druiven
In Tokaj vinden we uitsluitend witte wijnen. Veruit de belangrijkste druif is de furmint, die goed is voor 60% van de druiventeelt. Verder vinden we er vooral hárslevelű (Lindenblättriger), sárga muskotály (muscat lunel) en zéta (oremus).
De droge wijnen hebben hoge zuren en karakteristieke geuren. Soms kunnen ze hard zijn. Daar waar de grond met löss bedekt is, geven de druiven zachtere wijnen. 
Over het algemeen zijn de witte, droge wijnen uit Tokaj elegant, geconcentreerd en vol. Er zijn veel varianten mogelijk: frisse, kortgelagerde, reductieve wijnen; houtgerijpte, oxidatieve wijnen die jarenlang houdbaar zijn en verschillende halfzoete tot zoete wijnen. Ook de laatste worden reductief en oxidatief gemaakt. Slechts een piepklein deel wordt gevormd door aszú-wijnen.
Omdat de percelen sterk variëren, kunnen wijnen uit Tokaj-Hegyalja heel verschillend van karakter zijn.

De wijnmakers
De belangrijkste? Werkelijk te veel om op te noemen. Enkele voorbeelden zijn: Árvay, Barta, Béres, Bott, Breitenbach, Degenfeld, Demeter, Dereszla, Disznókő, Hétszőlő, Gundel, Homonna, Hudácskó, Karády-Berger, Királyudvar, Lenkey, Orosz Gábor, Patrícius, Pendits, Royal Tokaji, Szepsy, Tokaj Nobilis, Oremus, Tokajicum ... En zo kan ik nog wel een tijdje doorgaan.
Szepsy staat bijna achteraan, maar hij is wel één van de allergrootsten.

9.5.10

Het wijngebied Mór

Mór
Het wijngebied Mór ligt in het noorden van Hongarije, ten westen van Budapest. Het gebied is relatief klein; de wijnen die hier vandaan komen, zijn niet zo bekend. Het klimaat is er middelmatig koel en enigszins regenachtig. Mór ligt ingeklemd tussen de heuvels van de Bakony en de Vértes, met als gevolg een microklimaat dat gunstig is voor de wijnbouw. De bodem bestaat uit löss, kalksteen en kiezel. 

De druiven
In Mór vinden we bijna uitsluitend witte wijnen. Veruit de belangrijkste en karakteristieke druif is de ezerjó. Verder vinden we er tramini (gewürztraminer), chardonnay, rajnai rizling (riesling), rizlingszilváni (müller-thurgau), sauvignon blanc en szürkebarát (pinot gris). De wijnen hebben over het algemeen een bloemig, fris karakter, vaak met een kalkachtige mineraliteit. Door hun hoge zuren zijn ze soms hard. Het oogsten van volledig rijpe druiven, een beperkte snoei en houtrijping maken de wijnen zachter. Van de ezerjó wordt in goede oogstjaren een bijzondere, zoete variant gemaakt, met smaakkenmerken als abrikozen en acaciahoning.

De wijnmakers
De belangrijkste wijnmakers in Mór zijn Bozóky, miklóscsabi en Maurus.

10.4.10

Het wijngebied Villány-Siklós

Villány-Siklós
Villány is het zuidelijkste wijngebied in Hongarije. De precieze benaming is eigenlijk Villány-Siklós. In Siklós wordt witte wijn gemaakt, in Villány rode. De wijnen uit Villány zijn sappig, zacht en worden vaak vergeleken met die uit de Médoc. De topwijnen behalen vaak gouden medailles op grote, internationale Franse wijnproeverijen. De afgelopen 15 jaar heeft het wijngebied een verpletterende ontwikkeling doorgemaakt. 
Het gebied is klein: 25 kilometer lang. Het ligt parallel aan het Mecsek-gebergte. Er heerst een submediterraan klimaat. Het is een van de zonnigste gebieden van het land.
Voorkomende bodemsoorten zijn mergel, kalksteen, leem en löss. 

De druiven
De kékoportó (portugieser) is hier de belangrijkste druif. Andere rode druiven die zich hier prima thuis voelen, zijn kékfrankos, cabernet sauvignon, cabernet franc en merlot. De belangrijkste witte druiven zijn olaszrizling, chardonnay, rajnai rizling, hárslevelű, rizlingszilváni en tramini. 
Goede, klassieke, rode wijnen uit Villány bevatten stevige zuren en tannines, en zijn zeer geconcentreerd. Zo is cabernet sauvignon, gerijpt op barriques en uit goede oogstjaren, vaak langer dan 10-15 jaar houdbaar. De witte wijnen uit Siklós bevatten relatief weinig zuren, en zijn hoogalcoholisch. Ze zijn eerder vol dan fris.

De wijnmakers
Attila Gere is een van de grootste en bekendste wijnmakers in Villány en in Hongarije. Zijn wijnen zijn complex en zeer geconcentreerd. Gere's Kopár Cuvée en Solus Merlot zijn bekende toppers die alleen in goede jaren gemaakt worden. Andere topproducenten zijn  Bock, Malatinszky, Tiffán, Vylyan.

15.3.10

Het wijngebied Sopron

Sopron
Het wijngebied Sopron ligt in West-Hongarije, min of meer aan de voet van de Oostenrijkse Alpen. Een deel van dit gebied ligt tegen het Fertő-meer (de Neusiedler See) aan. Het andere deel ligt ten oosten van de stad Sopron. Het gebied heeft een gematigd landklimaat met veel wind. Onder invloed van de Alpen zijn de zomers koeler en valt er meer neerslag dan elders in het land. Het Sopron-gebergte beschermt de wijngaarden op de zuidhellingen in het gebied tegen de kou die uit het westen komt. 
De bodem bestaat uit kalksteen, löss, leem en bosgrond.

De druiven
In Sopron wordt bijna uitsluitend rood gemaakt, en vooral kékfrankos (blaufränkisch). Daarnaast vind je er ook zweigelt en cabernet sauvignon. De rode wijnen hebben karakteristieke zuren. Dit is het gevolg van het koelere klimaat en de grote hoeveelheid kalk in de bodem. Er wordt ook wat witte wijn gemaakt, vooral grüner veltliner (zöldveltelini).


De wijnmakers
Het wijngebied heeft een explosieve ontwikkeling doorgemaakt sinds de val van het communisme in 1989.  Een grote rol speelden hierin een aantal Oostenrijkse wijnmakers die zich in Hongarije vestigden. Veel wijnmakers hier zijn overigens afkomstig uit Oostenrijk. Denk aan Franz Weninger. Hij leverde het bewijs dat in Sopron zeer geconcentreerde en complexe topwijnen gemaakt kunnen worden.
De belangrijkste wijndomeinen zijn: Gangl, Jandl, Luka, Pfneiszl, Ráspi, Taschner, Weninger.

Wijntoerisme
Men zegt, dat het wijntoerisme hier van een hoog niveau is. De wijnkelders bevinden zich onder de woonhuizen in de stad, en zijn dus makkelijk bereikbaar. Hoog tijd om eens bezoek aan Sopron te brengen. 
Wanneer? Komende dinsdag en woensdag. 
Moet ik niet werken? Nee, ik heb een week vakantie. 
Vakantie in maart? Jazeker! Ik heb een nieuwe baan en ik begin pas op 22 maart bij mijn nieuwe werkgever. Joepie.

30.11.09

Het wijngebied Eger

Hongaarse wijnen vroeger en nu
Op een blog over Hongaarse wijnen moeten de wijngebieden natuurlijk ook besproken worden. Niet allemaal, alleen de belangrijkste. Zoals het wijngebied Eger. Maar eerst enkele woorden over Hongarije. 
De reputatie van Hongarije als wijnland werd na de Tweede Wereldoorlog volledig om zeep geholpen. De wijnbouw was tot de val van het communisme in 1989 voor een groot gedeelte in handen van de staat. Er werden vooral goedkope massawijnen geproduceerd en geexporteerd. Men streefde naar een zo groot mogelijke opbrengst, het spul werd toch wel verkocht. Na de omwenteling werden de wijngaarden geprivatiseerd. De moderne wijntechniek deed haar intrede in het land. Tegenwoordig zijn wijnproducenten en wijnmakers enorm ambitieus, en er wordt hard en zeer enthousiast gewerkt aan kwaliteitsverbetering en -bewaking.


Eger
Hongarije heeft 22 wijngebieden. Eger is één van de belangrijkste, naast Tokaj-Hegyalja, Sopron, Szekszárd, enkele gebieden rondom het Balatonmeer, en Villány. De laatste tijd begint Somló, een piepklein wijngebiedje, een steeds belangrijkere rol te spelen. 80% van de wijn is wit, de rest is vooral rood. Het wijngebied Eger ligt in het noorden van Hongarije, ten zuiden van het Bükk-gebergte. Het is één van de noordelijkste gebieden waar nog goede rode wijn gemaakt kan worden. De lente is er relatief laat en de tijd tot de oogst is betrekkelijk kort. De druiven die hier verbouwd worden, moeten passen bij dit klimaat. Er zijn veel verschillende grondsoorten te vinden: van kalk tot klei en vulkanisch tufsteen. Er worden ook veel verschillende soorten wijn gemaakt. Het gebied heeft zich de laatste jaren het meest ontwikkeld van alle wijngebieden. De witte wijnen zijn geurig, aromatisch en met mooie zuren. De wijn van de Leányka-druif, een Hongaarse druif, is zeer bekend en kan heerlijk zijn. Natuurlijk is Eger vooral bekend om de Bikavér, de wijn die Nederlanders als Stierenbloed kennen. Vroeger verguisd, maar de wijn is zich aan het rehabiliteren. Tegenwoordig worden prachtige Bikavérs gemaakt, maar het is wel belangrijk om op zoek te gaan naar goede producenten. Pinot Noir komt meer en meer in steeds betere kwaliteiten voor, natuurlijk omdat deze druif past bij het koelere klimaat.


Egri Bikavér
Eerst een stukje geromantiseerde geschiedenis. In de 15e en 16e eeuw werd Hongarije overheerst door de Turken. In september 1552 begonnen 70.000 Turken met de belegering van de burcht van Eger. De strijd duurde vijf weken. De kapitein van de burcht, István Dobó vond op het laatst dat de soldaten in Eger de laatste dag van hun leven wijn moesten drinken, de strijd was toch verloren. Zo gezegd, zo gedaan. De Turken schrokken zich wild van de (door wijn) roodbebaarde demonen. De dronken soldaten kenden hun kracht niet meer, en al snel deed het verhaal de ronde dat de Hongaren vóór iedere strijd het bloed van hun geslachte stieren dronken. Hoe de strijd afliep? De Hongaren hielden dapper stand en de Turken bliezen de aftocht! 44 jaar later keerden ze dan wel terug om de stad alsnog in te nemen, maar de reputatie van de Egri Bikavér was gevestigd.